Witte liefde, zo heet het boek van de schrijfster Wanda Reisel die we op deze mooiste herfstdag van het jaar bezoeken. Een boek over een geheime liefde in de jaren vijftig. De hoofdpersoon is Rosa, Ro Muller, de echtgenote van een architect die op het eiland Curaçao huizen komt bouwen. Over haar heeft Reisel geschreven, een hoofdpersoon geïnspireerd door het verleden van haar moeder op datzelfde eiland. Wij bezoeken haar thuis. Haar woonkamer heeft uitzicht op de kade, bootjes zijn aangelijnd, net als de luxe jachten in de haven van Curaçao, het toneel van haar boek. De studenten zijn op de fiets gekomen. Een iemand had een lekke band maar was gelukkig nog op tijd. Een student komt niet opdagen. De hele tijd zal het door mijn hoofd spoken: waarom is ze er niet? Kon ze het niet vinden? Was het boek haar teveel? Zit ze op Curaçao?
We worden ontvangen met nootjes en chocolade - Sinterklaas is niet ver weg meer en ook de Kerstman begint langzamerhand op toeren te raken - fris en jus en voor de volwassene onder ons een alcoholische versnaperingen. Biertje of witte wijn? Is dit studeren aan de VU? Dit is wel heel decadent maar de Boelelaan is ver weg.
Hoe is het om bij een schrijver op bezoek te komen? De vorige twee auteurs, Erik Menkveld en Dirk van Weelden verschilden als dag en nacht van elkaar. Van Weelden is een hardloper, snel als Hermes, een eloquente waterval, een storm die alleen maar toeneemt in kracht. Als we weg zijn dendert zijn stem nog in ons na, als een gedeclameerd gedicht net uit het hoofd geleerd. Een enkeltje naar Van Weeldenland. Fascinerend om naar te luisteren, ontregelend ook en uitputtend. Het lijkt alsof hij de spankracht van je brein wil testen. De studenten schrijven hun vingers blauw. Ze hebben nog niet geleerd dat luisteren het halve werk is en noteren een vorm van afmaken. Van Weelden lijkt met zijn tong de pennen te willen breken.
Erik Menkveld is een dichter en zo bedachtzaam, rustig en kristalhelder dat het voelt alsof je luistert naar een beekje dat af en toe aanzwelt in kracht, dan weer gaat liggen, waar blaadjes op drijven – een beekje in het zwarte woud, dat is Erik Menkveld. Zijn gevoelige ogen ontroeren de tekst die hij uitspreekt nog eens extra. Bij Van Weelden kregen we stroopwafels en koekjes, bij Menkveld Chinese nootjes en bier. En Wanda Reisel? Ik weet het bij binnenkomst nog niet. Haar stijl is flexibel, talig, je zou het virtuoos kunnen noemen. Is zij ook zo in haar spreken? Kom op, de deur gaat open. Daar staat ze. We zullen zien. De studenten nog onwennig maar minder onwennig dan de vorige keer. We installeren ons. We besluiten in de woonkamer te blijven zitten. Ik gooi chocolade en pinda’s achterover want ik heb energie nodig. Wanda Reisel praat over haar werk alsof het de normaalste zaak van de wereld is. Schrijven alsof het de normaalste zaak van de wereld is, dat kunnen alleen schrijvers. Ze werkt intuïtief, haar brein staat nooit stil en ze heeft er het volstrekte vertrouwen in dat het verhaal op een gegeven moment komt. De stugheid en problematiek van Menkveld is ver weg. Niets lijkt haar moeite te kosten.
Buiten kleurt het licht de kades, de bootjes, de lucht zelf. Binnen vertelt Reisel over Curaçao, haar knappe moeder, de gesprekken die met haar hield in 1991 toen ze het eiland voor het eerst bezochten. Waar is toch die ene studente die niet is komen opdagen, zingt het door mijn hoofd. Wie gaat haar het verhaal van Reisel te vertellen? Reisel vertelt over de geliefde met wie haar moeder een relatie had. Een prachtige man moet het zijn geweest. Een Nederlander op Curacao, een macho. Het is deze man die haar denk ik op het spoor van de roman zette. Vragen worden afgevuurd, nog meer chocolaatjes naar binnen gewerkt. Dan staat ze op en pakt een dvd waarop filmpjes staan die haar ouders hebben gemaakt op het eiland, eind jaren veertig, begin jaren vijftig. Kinderen, een vrouw, een bijzonder aantrekkelijke vrouw. Dezelfde vrouw die het omslag van Witte Liefde siert. We kijken ademloos naar die filmpjes uit een verleden dat opvallend modern aandoet. Moderniteit en huiselijkheid gekleurd door de Carribische zon. Reisel zit ernaast en kijkt mee naar haar moeder. Ik kijk naar Reisel en zie een zelfportret met moeder. De schrijver die kijkt naar de held van haar verhaal. Deze middag is geslaagd. We nemen afscheid. Laten boeken signeren. Iemand moet het haar vertellen. Iemand. De ontbrekende studente moet dit filmpje ook zien zodat ze nog dichter op de huid van het hoofdpersonage van Witte Liefde kan komen. Bij deze. Reisel geeft de cameraman de beelden. Hier te zien. Voor de studente die ontbrak.
WIJ zijn de ontbrekende student.
Geplaatst door: Asis | 25 oktober 2007 om 16:25
Volgens mij ben ik gewoon die ontbrekende student, of was het echt zo diep bedoeld?
Ik voelde me al zo vereerd...
Geplaatst door: Nelienke | 30 oktober 2007 om 14:47