Levensverhalen
[5 september]
Een nieuw studiejaar, en dus veel nieuwe gezichten op de campus. Wat een heerlijke kans biedt dat mij, uw Schrijver op Locatie! Enerzijds al die mensen binnen de VU-gemeenschap die elkaar nu moeten gaan leren kennen, en anderzijds mijn verlangen om mensen ertoe te bewegen elkaar hun levensverhaal te vertellen.
Ik droom er al jaren van dat ik me in een enorme ruimte bevind waarin iedereen bezig is elkaars levensverhaal te beluisteren en op te tekenen. Het is mijn overtuiging dat we zonder ons eigen verhaal, het verhaal van onze hoogte- en dieptepunten, en onze reflectie daarop, maar half mens zijn. Maar compleet zijn we pas echt als anderen dat verhaal óók kennen.
De schepping zit vol imperfecties, en vrijwel ieder van ons is daar een goed voorbeeld van. Daardoor kunnen we elkaar met onze levensverhalen troosten en helen, of op z’n minst een heleboel dingen helpen te relativeren.
Na wel twintig andere varianten te hebben verworpen, kwam ik ten slotte uit op dit idee voor mijn droomproject: Schrijf elkaars levensverhaal op een bierviltje.
Het werkt zo. Ga, als je in het café zit (‘het café’ is hier symbolisch op te vatten als iedere willekeurige ontmoetingsplek, het kan ook ‘bij het koffie-apparaat’, ‘op de sportclub’ of ‘in de mensa’ zijn), niet eenzelvig voor je uit zitten te hummen, ga evenmin maar wat slap zitten te zwetsen en ga al helemaal niet t*w*i*t*t*e*r*e*n.
Hou je klep eens, laat de wereld maar even wachten op jouw OPINIES en STANDPUNTEN, en vraag een ander wat.
(Vragen is een conversatieconventie uit de tijden van weleer, toen mensen nog geen oren hadden waar draadjes uit hingen.)
Vraag naar het meest beslissende besluit in iemands leven, naar zijn of haar jeugdherinneringen, naar keerpunten, naar momenten van vreugde, trots, verdriet of spijt, vraag desnoods naar iemands muzikale voorkeur, maar in ’s hemelsnaam: vraag iets.
(‘Van vragen word je wijs,’ zei Sonja Barend vroeger altijd. Participerend onderzoek, uitgevoerd door mijzelf, heeft aangetoond hoe dat werkt: vragen hebben een opmerkelijk Zwaan Kleef Aan Effect. Oftewel: de ene vraag lokt de volgende uit. Eerst vraag je nog argeloos naar bijvoorbeeld wat, vervolgens wil je ook wel weten hoe, en dan tuimelen waar, wanneer en waarom er vanzelf achteraan. Het lijkt de wetenschap zelf wel!)
Pak vervolgens een bierviltje (wederom op te vatten als een symbool, in dit geval van een vorm van ‘samenzijn’) en schrijf daarop in steekwoorden het verhaal op dat je te horen hebt gekregen, of maak er een mooie samenvattende zin van.
Het viltje is ‘een bewijs’ dat er een gesprek heeft plaatsgevonden en dat er een verhaal is verteld. Hopelijk zal dat verhaal nu worden doorverteld en gaat het op eigen benen de wijde wereld in om nog menige ziel te verkwikken. En om dat te doen beklijven, zullen de viltjes worden ingezameld en tot een kunstwerk gemaakt, en daarmee als het ware worden ‘teruggegeven’.
Goed plan, al zeg ik het zelf.
Nu alleen nog een plek om het uit te voeren, oftewel waar?
Inderdaad, de ene vraag lokt de andere uit, want waar anders dan op onze VU, en waarom, nou heel simpel, omdat we meer willen zijn dan een leerfabriek, we willen mensen óók met elkaar in gesprek brengen en met elkaar verbinden.
Het hoe en het wanneer bood zich vervolgens vanzelf aan mij aan. Want als Schrijver op Locatie bleek toch al van mij te worden verwacht dat ik iets deed bij de opening van het academisch jaar op de faculteit der letteren.
Dus zaten daar vorige week een paar honderd personen van heel verschillende achtergronden en leeftijden in een collegezaal bijeen met allemaal een bierviltje en een pen in de hand en een vraagteken op het voorhoofd. Ik deed mijn best om de bedoeling zo snel mogelijk uit te leggen (Dit zijn altijd van die momenten, ik beken het eerlijk, waarop je denkt: ‘Waarom zit ik niet rustig thuis op de bank met de poes op schoot en een pot thee bij de hand?’). Om de zaak aanschouwelijk te maken gaf levensliederenzangeres Fredie Kuiper, zichzelf begeleidend op de accordeon, een nogal verpletterend voorbeeld van hoe achter één steekwoord een heel levensthema kan schuilgaan.
En toen werd mijn droom waar. Opeens bevond ik me in een grote ruimte waarin honderden mensen zich aan elkaar voorstelden en begonnen te kwekken over hun leven en alles van elkaar opschreven! Na afloop zei iemand tegen me: ‘Ik wist niet dat je in zo korte tijd zo veel over iemand te weten kunt komen.’
Ik ga de komende maanden op de VU nog meer ‘bierviltjessessies’ doen. Ik hoop dat het op de campus gaat zoemen van de levensverhalen. En ik hoop ook dat mensen, door eens even buiten zichzelf te treden en zich te verdiepen in andermans verhaal, óók meer zicht krijgen op hun eigen levensthema’s. Die te herkennen, dat kan van groot belang zijn voor het maken van de juiste keuzes in studie en carriere.
Om dit alles zogezegd weer terug te geven aan de VU, ga ik een beeldend kunstenaar vragen om van de bierviltjes een kunstwerk te maken. En dat zal Stef Kreymborg zijn, van wie eerder op de VU De klaagmuur van eenzame sokken te zien was, de inspiratiebron voor mijn eigen klaagmurenproject van vorig semester. Overigens: de klaamuren staan nog steeds op diverse plekken op de campus. Het verraste me dat er op 1 september toch alweer hartenkreten in waren gedeponeerd!
Eéntje daarvan ging over ‘hoe kaal, deprimend en oninspirend’ de muur in de foyer is sinds Stefs werk daar is weggehaald.
Meer kunst op de VU, dat is mijn wens voor het nieuwe studiejaar. In welke vorm dan ook. Wetenschap is onmisbaar. Maar kunst niet minder.
Comments