Mijn laatste berichtje dateert al weer van een tijd geleden, maar dat komt omdat ik weinig nieuws uit Caïro te melden had. Vandaag vond ik het echter toch tijd worden voor een update.
Mijn aanvraag voor toegang tot Gaza is op dit moment in behandeling bij de Egyptische veiligheidsdienst. Er valt niet zo veel te zeggen over mijn kansen, maar, uiteraard, ik probeer positief te blijven. Er moet helaas wel een belangrijke kanttekening bij geplaatst worden. De grens bij Rafah gaat namelijk officieel pas eind februari weer open. Ook al krijg ik toestemming, dan nog kan ik pas rond die tijd naar binnen, dus duurt dus nog wel even.
Ruim een maand wachten werd me wat te gortig, vandaar dat ik afgelopen zaterdag op weg naar de West Bank ben gegaan om daar verder te gaan met mijn onderzoek. Twee dagen reizen met de bus, onder andere door woeste zandstormen in de Sinai, ben ik eindelijk weer op bekend terrein. Op dit moment zit ik in Jeruzalem en morgen ga ik een aantal dagen verblijven bij een Bedoeïenenkamp ten zuiden van Hebron in door Israël gecontroleerd C-gebied. Het kamp ligt pal naast een Joodse nederzetting en Bedoeïenen zijn officieel afhankelijk van de Israëlische politie, voor wat betreft hun veiligheid. Ik ben erg benieuwd hoe dit in de praktijk uitpakt. Het zal wel even afzien worden, want er is geen stromend water en geen electriciteit. Bovendien, de nachten in de 'Southern Hebron Hills' zijn vrij koud in deze tijd van het jaar. Maar goed, wie ben ik om te klagen? De Bedoeïenen leven al hun hele leven op deze manier, ik kan daarna weer terug naar een warme douche.
Nu zou je kunnen zeggen, wat je nooit hebt gehad, kan je ook niet missen, maar dat gaat in dit geval niet op. Doordat ze letterlijk naast de nederzetting wonen, weten de Bedoeïenen wel degelijk wat ze missen. Sterker nog, ze beseffen dat hen onrecht wordt aangedaan. Niet alleen worden ze regelmatig aangevallen door kolonisten, maar hebben ze, zoals ik hierboven al opmerkte, ondanks diverse pogingen en aanvragen nog steeds geen electriciteit geleverd gekregen. Terwijl notabene het kippenhok van de nederzetting, op 50 meter afstand, 's avonds verlicht is!
Toen we 3 weken terug in het kamp waren, verwoordde een van de mensen het treffend: “We blijven doorvechten tot we gelijk zijn aan de kippen.”
Volgende keer meer over mijn belevenissen in de Southern Hebron Hills.
Reacties